Achtergrondinformatie bij Achter ’t eten

Het verhaal

‘We kijken toe en het gebeurt’, zegt moeder Magda. Kernachtiger kan dit stuk niet samengevat worden. Gerda confronteert haar moeder met wat haar vader haar aandeed ‘achter ’t eten’. Met het kind dat ze draagt, van de buurman, of van één van de andere devote acteurs uit de sacramentsprocessie die haar verkrachtten in een achterkamer van de parochiezaal. Moeder sluit haar ogen. Dochter gaat ‘bekomen’ bij de nonnekes.

Achter ’t eten is een verwrongen en beklijvend stuk over incest, misbruik en kindermoord maar vooral ook over het ‘zwijgt stille’ in een dorpsgemeenschap. Zoals al De Volders stukken speelt het zich af in een zeer eigen universum en taal, waarin niet alleen moeder en dochter aan het woord zijn. Het hele dorp doet zijn zeg en zwijgt er over.

In 2004 won Achter ’t eten de Grote Theaterfestivalprijs, met Marijke Pinoy en Ineke Nijsen in de originele bezetting. In het juryrapport stond o.a. het volgende te lezen:

‘De winnende voorstelling laat zien wat theater vermag. Door juist het realisme te ontvluchten, is het mogelijk de werkelijkheid in zijn naaktheid te betrappen. Een onderwerp als incest, waarbij clichés al snel om de hoek kijken, blijkt dan de drijfveer te kunnen zijn van een ontroerend en fascinerend schouwspel.’

De auteur

Eric De Volder (1946 – 2010) werd in de jaren 80 lid van het straattheatergezelschap Radeis. Sinds 1992 was hij de stichter en artistiek leider van het Gentse theatergezelschap TG Ceremonia. Op zijn theaterzolder KIM (Kunst Is Modder) in het Gentse Oudburg verzamelde hij enkele vrienden en collega’s voor de voorstelling Kom terug. Het was de eerste van een aantal producties die gecreëerd en getoond werden in de intimiteit van de repetitiezaal. Maar geleidelijk aan ontdekte ook het grote publiek ‘het best bewaarde geheim’ van Gent en waren voorstellingen zoals Nachtelijk Symposium, Regent en Regentes, Diep in het bos, Brand, Au nom du père en Meestersnacht te zien in Gentse en andere zalen in binnen- en buitenland.

De Volder ontving verschillende prijzen en onderscheidingen voor zijn werk. In 2000 mocht De Volder de Thersitesprijs van de Vlaamse theatercritici in ontvangst nemen, en in 2001 de Cultuurprijs van de Stad Gent ’omwille van zijn grote artistieke integriteit, zijn aandacht voor de volkse identiteit en de keuze voor de thematiek van de mens in zijn kleine leefwereld’. Voor de tekst van Zwarte vogels in de bomen kreeg De Volder in 2003 de Prijs van de Vlaamse Gemeenschap voor toneelliteratuur. Tegelijkertijd sleepte hij ook de Vlaamse Cultuurprijs voor Podiumkunsten in de wacht.

Op 28 november 2010, ’s nachts, na de première van Frans Woyzeck, is Eric De Volder onverwachts thuis in zijn slaap overleden.

De regisseur

Etienne De Ruyck is al 30 jaar als regisseur en acteur aan de slag bij La Barraca. Meer nog, hij is een van de oprichters van het huis en heeft zodoende al heel wat op zijn palmares staan. De voorbije jaren bracht hij zeer uiteenlopende stukken op scène, zoals Dolgedraaide Ooien, Bloedbruiloft, Kludde, Herakles en Marie-Antoinette.

Maar ook voor een regie van Eric De Volder is Etienne niet aan zijn proefstuk toe. Enkele jaren geleden regisseerde hij al Kamer en de Man van dezelfde auteur. Nu gaat hij dus met twee actrices deze Achter ’t eten aan.

‘Niet vanzelfsprekend’, zegt hij daar zelf over, ‘want niet iedereen kan, wil of durft in dit stuk duiken. In het kader van het ‘proefkeuken’-project komen we al geruime tijd wekelijks samen om te experimenteren en uit te proberen. Net na het besluit om voor de vervreemdende wereld van De Volder te kiezen, kwam Eline er ook bij.’

« terug