Achtergrondinformatie bij “Het recht op luiheid”

Het verhaal

In 1880 schreef de Franse filosoof Paul Lafargue een boekje met een wat vreemde titel: Het recht op luiheid. Zijn werk eindigt zo:

“En toch blijft het vernuft van de grote filosofen van het kapitalisme beheerst door het vooroordeel van de loonarbeid, de ergste vorm van slavernij. Zij begrijpen nog niet dat de machine de verlosser is der mensheid, de God die de mens zal loskopen van de ‘sordidae artes’ en van de loonarbeid, de God die hem ledige uren zal schenken en de vrijheid.”

Brandend actueel? Inderdaad. Maar wat heeft dit met theater te maken? Gaan we een politiek pamflet opvoeren? Neen. Hoe zit het dan wel ? Een groep acteurs komt samen om een hoorspel op te nemen. Ze maken een serie rond klassieke teksten, die niet simpelweg voorgedragen worden, maar ook geïllustreerd en door de acteurs van emotie voorzien. ‘Het recht op luiheid’ van Lafargue’ is ook in deze reeks opgenomen. De kale ruimte van de luisterspelstudio wordt gaandeweg een warme en knusse plek waar de acteurs ongegeneerd bezig zijn met hun kunst, maar tegelijk met hun leven, met hun vreugdes, verdriet en pijn, … Lafargues tekst is dus enkel de aanzet voor dit stuk, een vertrekpunt voor een stuk over menselijke vragen en emoties en natuurlijk ook een reflectie over de naderende vrijetijdsbeschaving.

De auteur

Paul Lafargue (1842–1911) was een Franse journalist, literatuurcriticus, essayist, publicist en politicus. Lafargue stond bekend als een echte vrijdenker, die geen controverse uit de weg ging en zich niet liet hinderen door trends of verwachtingen. Evenmin door familiebanden, want hij was getrouwd met een dochter van Karl Marx. Hij reageert met zijn tekst ‘Het recht op luiheid’ op een andere publicatie, ‘Het recht op arbeid’ uit 1848, die werd geschreven in de stroom van de verschillende liberale opstanden overal in Europa. In de tekst hekelt hij de burgerlijke arbeidsmoraal, de toenmalige filosofische en ideologische opvattingen over arbeid en de gevolgen van overproductie. In 1882 startte hij samen met Jules Guesde de eerste arbeiderspartij in Frankrijk: de Parti Ouvrier.

De regisseur

Winnie Enghien herwerkt voor deze productie de tekst van Lafargue naar een eigentijds theaterstuk en neemt ook de regie voor zijn rekening. Over de keuze voor de setting, de opnamestudio voor luisterspelen, zegt hij zelf:

“Ik heb zelf het genoegen gesmaakt om gedurende enkele jaren mee te werken aan een hoorspelserie. Bij dat werk vielen me verschillende zaken op: de acteurs kwamen er met enthousiasme naartoe en zetten alle middelen in om van hun vertolking een topprestatie te maken. Wanneer je even niet als schrijver of regisseur bezig was, zag je dat er zich een theatraal gebeuren ontwikkelde : er werden decorstukken bijgehaald, iemand kende nog eenvoudige truukjes om geluiden meer effect te geven, er werd heel ernstig en met oog voor detail gerepeteerd, stemmen werden met allerlei voorbereiding vakkundig ‘geplaatst’ en opgewarmd, belevenissen uit het echte leven werden er als vergelijking bijgehaald, etc.”

Winnie herwerkte in 2012 De familie Klepkens en nam ook de regie ervan voor zijn rekening. Daarvoor schreef hij ook een heuse soap (‘Vliegen kan niet meer’) voor La Barraca.