Achtergrondinformatie bij “Le Grand Macabre”

Het verhaal

In een mythisch land verschijnt een vreemd personage uit de hemel -of uit een boom?- en kondigt het einde der tijden aan. Nekhrozotar, ofte De Dood, komt de inwoners van Breugellande in hoogsteigen persoon waarschuwen: een komeet is onderweg naar de aarde en nog diezelfde nacht zal de wereld vergaan.

Iedereen bereidt zich op zijn eigen manier voor op de apocalyps en probeert vooral zijn eigen tijd wat te rekken. Nekhrozotar wikt en weegt, maar toont geen genade. Hooguit verleent hij een paar uur gratie aan hen die bereid zijn hem een handje te helpen. Maar om middernacht is het eind onverbiddelijk daar: alles beeft, alles is kapot. Maar, heel misschien hebben een paar mensen van goede wil de ramp toch overleefd…

Le Grand Macabre werd geschreven in de schaduw van het oprukkende fascisme. Net als het oorspronkelijke stuk is deze bewerking een absurde farce vol bijtende maatschappijkritiek, maar dan in een hedendaags jasje gestoken.

De auteur

Michel de Ghelderode is een pseudoniem van Adémar Adolphe Louis Martens (1898-1962), een Brussels schrijver die het productiefst was tijdens het Interbellum. Geïnspireerd door o.a. Edgar Allan Poe, Jean Ray en Thomas Owen, maar ook door poppentheater, de werken van James Ensor en de commedia dell’ arte, schreef hij op 15 jaar 60 toneelstukken bij elkaar. Allen worden ze gekenmerkt door hun volkse en kleurrijke personages en een behoorlijk sarcastische visie op leven en sterven, de setting is vaak een mythische versie van Vlaanderen.

Pas na WOII vond zijn werk de weg naar het grote publiek. Vanaf 1949 werden ze zelfs een ware hype in Parijs, om later weer van de troon gestoten te worden door Ionesco en Beckett. Zelf is hij zich echter altijd onbegrepen blijven voelen en hij stierf in 1962, niet wetend dat zijn werk was voorgedragen voor de Nobelprijs voor de Literatuur.

De regisseur

Alain ZeegersLe Grand Macabre is de derde productie van Alain Zeegers in La Barraca. Hij volgde de regie-opleiding aan de Gentse kunstacademie; zijn eindregie In Volle Zee (Mrozek) bracht hem in 2011 naar La Barraca, in 2012 regisseerde hij Oom Wanja (Tsjechov).

Wat hem aantrekt in Le Grand Macabre is de rijke thematiek van het stuk, gehuld in een wat folkloristisch, absurd jasje. Grote thema’s als oorlog, angst en de dood, worden meteen gerelativeerd door de kleinmenselijke besognes die de personages meer bezighouden dan het einde van de wereld.